Algemeen
- Laatste Nieuws
- Jan de Leeuw teamtoernooi groot sportief succes
- Info 2011-2012
- Agenda en Verslag Jaarvergadering
- Uitnodiging Jaarvergadering 2011
- Judoka Runner-up en Vrijwilliger van het seizoen
- Laatste uitslagen
- Judoka s Anton Geesink succesvol op instaptoernooi in Wijk bij Duurstede
- Uitslag instaptournooi
- Aankomende zaterdag 8 oktober de districtskampioenschappen voor judoka s tot 12 jaar
- Districtskampioenschappen senioren
- Judoka s Anton Geesink opnieuw succesvol op Heide toernooi
Op deze pagina vindt u de algemene informatie over judo en de judovereniging Anton Geesink te Culemborg. Mocht u vragen hebben over de vereniging of deze informatie dan kunt u altijd mailen
- Inleiding
- 1 De vereniging
- 2 Oorsprong van het judo
- 3 Judo in Nederland
- 4 Judo in Culemborg
- 5 Wat heeft Anton Geesink nog meer te bieden
- 6 Overige actititeiten
- 6.1 Eigen toernooien
- 6.2 Uitwedstrijden
- 6.3 Niet judo activiteiten
- 7 Lidmaatschap van de Judo Bond Nederland (JBN)
- 8 Op welke dagen is er geen judo?
- 9 Gedragsregels
- 10 Wat heb je nodig om te judoën?
- 11 Examens
- 12 Wat je allemaal niet hoeft te vragen
- 13 Wedstrijden
Inleiding
Voor u ligt de algemene informatie van Judovereniging 'Anton Geesink'. In dit boekje treft u informatie aan over de judosport in zijn algemeenheid en over de vereniging. Het gaat daarbij om informatie, die in de loop van de tijd niet of nauwelijks aan verandering onderhevig is.(Dit boekje wordt u dan ook eenmalig uitgereikt.) U kunt daarbij onder andere denken aan een historisch overzicht, de exameneisen, onze gedragsregels en een beschrijving van de termen die scheidsrechters hanteren tijdens de wedstrijden. Daarnaast ontvangt u elk jaar de INFO, waarin gegevens zijn opgenomen die aan verandering onderhevig kunnen zijn, zoals trainingstijden, samenstelling van het bestuur, contributieregeling, overzicht van de wedstrijden e.d. Tenslotte hebben wij nog het periodiek verschijnend bulletin 'KIAI'. Dit bulletin voorziet in de meer actuele wetenswaardigheden.
Mocht u vragen hebben, waarvan het antwoord niet is terug te vinden in de KIAI of de INFO dan zijn bestuursleden, technische leiding en andere bij de vereniging betrokken medewerkers altijd én graag bereid u te woord te staan. Hun namen en adressen vindt u in de jaarlijkse INFO. Daarnaast kunt u voor algemene informatie altijd bellen met het secretariaat van de vereniging:
Gerry van Oorschot
Lange Dreef 3
4101 NR CULEMBORG.
tel: 0345 - 516413Wij wensen iedereen veel plezier en ontspanning bij de beoefening van de judosport.
De vereniging
De Judovereniging 'ANTON GEESINK' is op 21 december 1965 opgericht door Sees Jägers en Toon van den Heuvel. De vereniging is onder nummer 6006 aangesloten bij de Judobond Nederland. (J.B.N.). De thuishaven van de vereniging (de dojo) is gevestigd in de Judozaal van de Vrijstadhal aan de Heimanslaan te Culemborg.
WIE KAN ER LID WORDEN VAN DE VERENIGING?
Als je 4 jaar of ouder bent en je wilt de judosport beoefenen dan ben je bij onze vereniging van harte welkom. Voor 4 en 5 jarigen wordt er "tuimeljudo" verzorgd, vanaf 6 jaar is er reguliere judoles. Verderop in deze INFO leest u daar meer over. Momenteel zijn zowel jeugdige als volwassen judoka's actief, zowel mannen als vrouwen. Sommigen van hen richten zich op de wedstrijdsport, maar anderen houden zich liever op recreatief niveau bezig. Voor beide vormen is er plaats in onze vereniging.
ERELEDEN VAN DE VERENIGING
Bij het 25-jarig jubileum van de vereniging in 1990 zijn de beide oprichters benoemd tot erelid van 'Anton Geesink' en door de JBN tot bondsridder.
DE OORSPRONG VAN HET JUDO
Overal in de wereld ontwikkelden mensen in vroeger tijden manieren om zichzelf al dan niet met gebruikmaking van wapens te verdedigen. Omdat het voor sommige groepen in de bevolking verboden was om wapens te dragen, ontwikkelden zij vormen van krijgskunst, die met de 'blote hand' bescherming bieden. De verzamelnaam van deze vormen van krijgskunst, zowel met als zonder wapens, heet Budo. Uit Indo-China komen onder andere de vechtssporten, die wij nu kennen onder de namen: jiu-jitsu, kendo, kempo, karate en aikido. En bijvoorbeeld in Rusland en Turkije is een vorm van 'krijgskunst' ontstaan, die heden ten dage te vergelijken is met het worstelen. Omdat veel van deze krijgskunsten er indertijd op waren gericht om de tegenstander permanent uit te schakelen, besloot aan het einde van de vorige eeuw de Japanner Jigoro Kano een zelfverdedigingssport (het judo) te ontwikkelen, die er primair op is gericht om zichzelf te verdedigen zonder de tegenstander ernstig te verwonden. Hij maakte bij de ontwikkeling van deze sport gebruik van die elementen uit de andere vechtsporten, die hij nodig achtte om dit doel te bereiken. Door gebruikmaking van diverse technieken (schouder-, heup-, arm- en beenworpen) wordt de aanvallende kracht van de tegenstander omgezet om deze uit te schakelen zonder hem te verwonden. De letterlijke vertaling van judo is dan ook 'zachte weg' (ju = zachte; do = weg). Nadat Kano, overigens niet zonder moeite, in eigen land zijn sport populair had weten te maken, (hij trainde begin deze eeuw onder andere de politie van Tokio), besloot hij dat de tijd rijp was om zijn ideaal te verwezenlijken. Judo moest in zijn ogen de Olympische status verwerven. Daartoe was het nodig dat de sport beoefenaars in alle delen van de wereld kreeg. Hij stuurde zijn leerlingen van het eerste uur onder andere naar Engeland, Frankrijk en Amerika. Kano's inzet en status bleef niet onopgemerkt en mede dankzij zijn functie als minister van Sport van Japan wist hij in de twintiger jaren een plaats te verwerven in het Internationale Olympische Comité. Zijn droom, judo als Olympische Sport, wist hij aan het eind van de dertiger jaren bijna te realiseren. Twee belangrijke voorvallen zorgden ervoor dat hij dit bij leven niet meer meemaakte. Door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog werden de Spelen van 1940, gepland in Tokio, niet gehouden en op de terugreis uit Amerika overleed Kano in datzelfde jaar op hoge leeftijd. Uiteindelijk duurde het tot de Spelen van 1964 dat judo in Tokio de fel begeerde status wist te veroveren. Dat juist in de belangrijkste gewichtsklasse (de zwaarste categorie) een Nederlander met het goud aan de haal ging, betekende voor de Japanners een grote domper.
JUDO IN NEDERLAND
Nadat Anton Geesink aan het begin van de jaren '60 zijn grote triomfen vierde, waaronder wereldtitels en de Olympische titel in '64, raakte ook Nederland in de ban van deze van oorsprong Oosterse zelfverdedigingssport. In de loop der jaren én tot op de dag van vandaag heeft Nederland op judogebied in de top altijd een behoorlijke prestatie geleverd. Na Geesink zorgden onder andere Wim Ruska, Ben Spijkers, Theo Meijer, Dennis van der Geest en Mark Huizinga voor aansprekende resultaten op Europese- en Wereldkampioen-schappen én op de Olympische Spelen. Ook bij de dames zijn diverse judoka's nu en in het verleden tot de wereldtop doorgedrongen. Denkt u aan Anita Staps, Irene de Kok, Angelique Seriese, Monique van der Lee en Jenny en Jessica Gal. Van minstens zo groot belang is de grote groep judoka's die op recreatief niveau actief zijn in deze sport. Momenteel telt de JudoBond Nederland ruim 60.000 officieel geregistreerde judoka's.
Judo in Culemborg
Uiteraard kon het niet uitblijven dat in de jaren '60 de judosport ook in Culemborg zijn intrede deed. Anton Geesink was er persoonlijk verantwoordelijk voor dat Culemborgers aan deze sport verslingerd raakten. Omdat Geesink nog volop actief was in de wedstrijdsport ontbrak hem de tijd om aandacht te blijven besteden aan zijn Culemborgse judoka's. Wel had hij inmiddels bereikt dat twee van zijn toenmalige leerlingen zo enthousiast waren geworden, dat zij het door Geesink aangewakkerde vuurtje verder opstookten. Sees Jägers en Toon van den Heuvel besloten dat de judosport in Culemborg niet verloren mocht gaan en richtten eind 1965 een vereniging op. Als hommage aan hun leermeester vroegen én kregen zij toestemming om zijn naam aan de vereniging te verbinden. Gedurende 25 jaar 'bouwden' Sees Jägers en Toon van den Heuvel met veel inzet aan wat nu een bloeiende vereniging kan worden genoemd. Die inzet werd in 1990 beloond met het bondsridderschap van de Judobond Nederland én het ere-lidmaatschap van de vereniging. Na 25 jaar achtten de beide oprichters de tijd rijp om het estafettestokje over te dragen aan een jongere generatie. Mede onder invloed van de toenemende interesse in zelfverdedigingssporten en de roep om variatie is het aantal activiteiten van de vereniging in de afgelopen jaren verder uitgebouwd.
JUDO VOOR DAMES
In het streven om een breed assortiment aan te kunnen bieden is bij voldoende belangstelling een speciaal les- en trainingsuur voor dames. De 'scheiding' van het trainingsuur van de mannen heeft geen enkele emancipatoire reden noch is er sprake van onderschatting van de kracht, maar het verschil in lichaamsbouw (en in het bijzonder de spieren) zorgt er nu eenmaal voor dat andere judotechnieken bij vrouwen meer tot hun recht komen. Binnen de huidige seniorengroep wordt echter ook rekening gehouden met de verschillende belangstellingsgroepen.
TUIMEL-JUDO
Sinds eind 1996 biedt J.V. Anton Geesink ook judo aan voor de allerkleinsten. Daarmee voldoet de vereniging aan een vraag van ouders met jongere broertjes en zusjes van onze judoka's. Tuimeljudo is erkend door de JBN én laat 4- en 5-jarigen op een speelse manier vertrouwd raken met de eerste begin selen van het judo. Daarbij komen onder andere valtechnieken aan de orde. Uiteraard is het programma afgestemd op de mogelijkheden van deze jonge judoka's. De lessen worden verzorgd door Gerry van Oorschot. Dat tuimeljudo voorziet in een behoefte blijkt uit het feit dat inmiddels rond de 35 kinderen wekelijks op de mat staan.
WAT HEEFT 'ANTON GEESINK' NOG MEER TE BIEDEN?
Een belangrijke doelstelling van de vereniging, én wellicht de belangrijkste, is om de judosport voor iedereen bereikbaar te houden. Dat wil zeggen dat niet alleen wordt gelet op de kosten die moeten worden gemaakt (en die in vergelijking tot andere sporten uiterst laag zijn), maar ook naar het niveau dat de individuele judoka wil bereiken. Het feit dat 'Anton Geesink' een vereniging is en derhalve zijn bestaansrecht mede ontleent aan de inzet van een grote groep vrijwilligers zorgt ervoor dat in tegenstelling tot bijvoorbeeld sportscholen de contributies laag kunnen worden gehouden. Ook een actief beleid voor wat betreft de aanschaf van nieuwe en tweedehands judopakken zorgt ervoor dat de financiële bereikbaarheid optimaal is. Ten aanzien van het judoniveau biedt de vereniging voor 'elck wat wils'. De leden van de vereniging zijn zowel op wedstrijd- als recreatief niveau actief. De wedstrijdjudoka's behoren tot de top en de subtop van het district Midden-Nederland (omvat de provincies Utrecht, Flevoland en Gelderland én 't Gooi).
Het merendeel van de judoka's komt uit Culemborg of directe omgeving (Beusichem, Everdingen). Bij gebrek aan verenigingen c.q. judoka's van gelijke leeftijd en/ of gewicht komt ook een groot aantal volwassenen wekelijks uit Geldermalsen. Ook wonen er enkele judoka's in Tiel, Leerdam, Maurik, Beesd en Acquoy. Hoewel er in het bijzonder sprake is van een lokale functie komen er dus ook leden uit de regio.
Binnen het district Midden-Nederland behoort de vereniging met haar ledenaantal tot de grootsten. (Tweede in een reeks van circa 100 verenigingen en sportscholen). Het feit dat de vereniging tot de grootsten in het district behoort, houdt tevens in dat een actieve rol mag worden verwacht op districtsniveau. Ook nationaal zijn er weinig verenigingen te vinden met een dergelijk ledenaantal.
Overige activiteiten van de vereniging
'Adel verplicht'. Anciënniteit en omvang van de vereniging zorgen ervoor dat de (volwassen) leden hun verantwoordelijkheid niet uit de weg gaan om activiteiten te ontplooien. Dat uit zich in de organisatie van zowel judo- als niet-judo activiteiten. Op judogebied worden (in de weekeinden én meestal op zaterdag) niet alleen eigen toernooien georganiseerd, maar ook toernooien onder auspiciën van de JBN. Daarnaast zijn wij trouwe bezoekers aan toernooien die door anderen, zowel binnen als buiten het district, worden georganiseerd.
De 'eigen' toernooien
De vereniging organiseert twee grote toernooien die ook toegankelijk zijn voor judoka's van andere verenigingen en sportscholen. In het voorjaar wordt het Vrijstadtoernooi afgewerkt. Aan dit evenement nemen zo'n 600 judoka's op individuele basis in de leeftijd van zes tot zestien jaar deel. Het toernooi wordt jaarlijks gehouden en vond voor de eerste keer in 1979 plaats. Judoka's komen onder andere uit: Vianen, Houten, Nieuwegein, Wijk bij Duurstede, Utrecht, Amersfoort, Leusden, Tiel, Ede, Beuningen, Amerongen en Arnhem. In het najaar wordt het toernooi voor teams georganiseerd. Naast de eigen teams (welpen, pupillen, jeugd en meisjes) nemen teams deel uit de eerder genoemde woonplaatsen. Dit toernooi kent zo'n 250 deelnemers. Uitsluitend voor de leden van de eigen vereniging zijn twee toernooien toegankelijk. De jaarlijkse clubkampioenschappen en het 'Afsluittoernooi'. De clubkampioenschappen worden doorgaans in januari/ februari gehouden en het 'Afsluittoernooi' vlak voor aanvang van de zomervakantie (juni/juli). Aan beide toernooien wordt doorgaans door 80 judoka's deelgenomen.
De uitwedstrijden
Om onze krachten te meten gaan wij ook regelmatig op bezoek bij anderen. Afhankelijk van leeftijd en vaardigheid van onze wedstrijdjudoka's kiezen wij uit het aanbod. Ook gezien de afstanden kiezen wij dan meestal uit de toernooien die in het district worden georganiseerd. Naast de eerder genoemde woonplaatsen geven wij altijd met een delegatie acte de présence op de door het district Midden Nederland gehouden toernooien. (Districtskampioenschappen welpen, pupillen, jeugd, meisjes - Sinterklaastoernooi). In de judoseizoenperioden (medio januari -eind mei én begin september - medio december) is er vrijwel elk weekend wel een groep judoka's deelnemer aan een toernooi buiten Culemborg. Oudere (en vaak meer ervaren) judoka's bezoeken nog wel eens toernooien buiten het district en buiten Nederland. Met name de provincie Noord-Brabant is dan de eindbestemming van de reis. In het buitenland zijn toernooien bezocht in België, Frankrijk en Engeland.
De niet-judo activiteiten
Ook naast het judo organiseert de vereniging activiteiten. Deze zijn er in het bijzonder op gericht om de judoka's ook in ander dan judoverband met elkaar kennis te laten maken en de band met de vereniging te versterken. Bij het organiseren van deze activiteiten wordt in het bijzonder gelet op leeftijd en op het feit dat alle leeftijdsgroepen aan bod komen. Een greep uit de activiteiten die in het recente verleden zijn georganiseerd. Elke twee jaar wordt voor de 8-15 jarigen een driedaags zomerkamp gehouden. De allerkleinsten (6-9 jarigen) bieden we een spelmiddag in de buitenlucht aan. Met de tieners (15-20 jaar) zijn we gaan kanoën op de Linge en gaan discozwemmen. Jaarlijks wordt voor de senioren (17 jaar en ouder) een feestavond in de omgeving van Culemborg gehouden. Voor alle leden (jong en oud) houden we meestal op een zondag in juni een fietstocht in de omgeving van Culemborg.
LIDMAATSCHAP VAN DE JUDO BOND NEDERLAND
Alle leden van onze vereniging behoren lid te zijn van de Judo Bond Nederland. Waarom moet een judoka lid zijn van de bond? Daar zijn een aantal redenen voor, waarvan de belangrijkste zijn, dat je niet kunt promoveren naar een hogere band als je geen lid van de bond bent en de deelname aan wedstrijden niet mogelijk is zonder een geldig bewijs van lidmaatschap van de Judo Bond. Wat mag je van de bond verwachten? Als meest tastbare bewijs ontvang je regelmatig het bondsorgaan JUDO, waarin je wordt geïnformeerd over allerlei zaken, die het judo nationaal en internationaal aangaan. Daarnaast worden onder auspiciën van de bond wedstrijden georganiseerd, waaraan ook onze judoka's regelmatig deelnemen. Voorts verzorgt de Judo Bond Nederland de opleiding en begeleiding van trainers en scheidsrechters.
Hoe wordt men lid van de bond?
Het secretariaat van onze vereniging meldt nieuwe leden aan bij de J.B.N. Vervolgens ontvang je als nieuw lid een acceptgirokaart van de J.B.N. Je betaalt daarmee het inschrijfgeld en de (eventueel resterende) contributie van een kalenderjaar. Ongeveer één maand nadat je hebt betaald, ontvang je een informatiepakket en het judopaspoort thuis. Om de laatste hand aan je judopaspoort te leggen moet je dat met twee recente pasfoto's aan de trainer overhandigen, die het zo snel mogelijk verder invult en aan je teruggeeft. Vanaf dat moment is het paspoort geldig en kun je onder andere aan wedstrijden deelnemen of een hogere band behalen.
Met het judopaspoort ontvang je ook een betaalbewijs, dat gedurende één jaar geldig is. Aan het begin van het kalenderjaar ontvang je van de bond een acceptgiro voor de contributie van het komende jaar. Als je paspoort in bewaring is gegeven bij de vereniging, dan moet je het nieuwe betaalbewijs aan je trainer geven. Als je wel een paspoort hebt, maar geen geldig betalingsbewijs, dan kun je alsnog niet meedoen aan wedstrijden en bandexamens. Het gemak dient de mens, dus adviseren wij je paspoort en betaalbewijs bij elkaar te houden. De Judobond Nederland is gevestigd op het volgende adres:
JUDO BOND NEDERLAND
BLOKHOEVE 5
3438 LC NIEUWEGEIN
Tel: 030 - 6038114OP WELKE DAGEN IS ER GEEN JUDO?
Elk jaar zijn wij verplicht om de sporthal voor een aantal evenementen af te staan, zoals muziek-, gymnas-tiek-uitvoeringen, e.d. Deze data worden tijdig door de trainers, via internet en in de KIAI aange-kondigd. Daarnaast is de Vrijstadhal in de kerst- en zomervakantie en op christelijke- en algemene feestdagen gesloten. De exacte data worden in de KIAI en op internet vermeld. Wanneer een trainingsuur vervalt én de mogelijkheid doet zich voor, dan mogen de judoka's van die groep(en) in de desbetref-fende week deelnemen aan de training op één van de andere dagen (in een eigen leeftijdsgroep). De trainers zullen tel-kens op die mogelijkheid wijzen.
">GEDRAGSREGELS
Elke sport en ook elke vereniging kent zo zijn regels, waar-aan eenieder zich moet houden. De onze zijn:
- Van de judoka wordt verwacht, dat je je in het gebouw correct gedraagt en dus overal van afblijft, waar je normaal gesproken niet aan mag komen. (Verlich-ting, apparatuur, e.d.). Blijf ook weg uit andere kleedruimtes.
- Elke judoka verschijnt op de mat in schone en correcte judokleding. Natuurlijk geldt dat zowel voor de lessen als voor de wedstrijden.
- Handen en voeten moeten goed gewassen zijn en de nagels schoon en kort geknipt. Je verwondt anders je tegenstan-der.
- Oorbellen, kettingen, ringen en andere sieraden mogen tijdens het beoefenen van judo niet worden gedragen. Ook hiervoor geldt, dat het jezelf en/of je tegenstander kan verwon-den. In verband met mogelijk verlies is het verstandig om het gewoon thuis te laten. Dames en meisjes met lang haar mogen om dergelijke redenen tijdens het judo geen ijzerhoudende haarspelden, haarbanden of elastiekjes dragen.
- Instructies van de trainer en/of beheerder van de sport-hal worden nauwgezet opgevolgd.
- Wanneer je niet deelneemt aan de lessen/training, dan zit je rustig aan de kant.
- Judoka's vloeken niet en onthouden zich van elke andere vorm van ruw taalgebruik.
- Wij verwachten, dat elk lid van onze vereniging zich sportief gedraagt. Zowel binnen als buiten de dojo.
- De judosport mag uitsluitend in de judozaal worden beoefend. Daar is deskundi-ge begeleiding aanwezig en zijn er hulpmiddelen (de judomatten) om het judo goed en veilig te kunnen beoefenen. Om kort te gaan: elke vorm van judobeoefe-ning bui-ten de dojo is streng verboden.
- Voor lessen, die verzuimd zijn door ziekte, vakantie, bijzon-dere feestdagen of om andere redenen, wordt normaal contributie berekend. We stellen het bijzonder op prijs als je bij langduri-ge afwezigheid er bij de trainer melding van maakt.
- Het lidmaatschap van onze vereniging kan uitsluitend op schriftelijke wijze beëindigd worden. Een formulier is bij de trainer verkrijgbaar of te downloaden via de menukeuze lidmaatschap.
- Ieder lid van onze vereniging verplicht zich dit regle-ment te aanvaarden en het na te leven.
WAT HEB JE NODIG OM TE KUNNEN JUDOËN?
Naast een grote dosis inzet en enthousiasme heeft een judoka de volgende zaken nodig:
Een judopak (in het Japans: judo-gi)
Een pak bestaat uit een kimono (jasje) en een broek. In verband met de judoregels dient een pak aan een aantal eisen te voldoen. Het mag niet te groot zijn, anders dan struikel je over de te lange pijpen, maar ook niet te klein. Je tegenstander moet de judopakking bij jou kunnen uitvoeren. Een pak moet stevig zijn, omdat er nu eenmaal wel eens aan getrokken wordt. Judopakken zijn er in allerlei kwaliteiten te koop, zowel bij sportzaken als bij de vereniging. Wij adviseren u contact op te nemen met de trainer om het juiste pak aan te schaffen. Ook liggen er regelmatig tweedehands pakken, die ter verkoop aangeboden worden, omdat de vorige eigenaar eruit is ge-groeid. De kwaliteit van derge-lijke pakken is nog prima, omdat de vereniging ze anders niet ter verkoop wil aan-bieden. Een exacte prijs voor een pak is moeilijk te geven, dat houdt verband met de maat en de kwaliteit, maar houdt u rekening met circa € 40,- tot € 100,- voor een nieuw pak en circa € 10,- tot € 50,- voor een tweede-hands pak. Vrouwelijke judoka's dragen onder de kimono een wit T-shirt.
Een judoband.
Een band wordt normaliter samen met het (nieuwe) pak verkocht. Bij het verkrij-gen van een hogere band wordt bij het examengeld een geringe vergoeding (circa € 5,-) in rekening gebracht.
Er zijn judoka's, die aan officiële wedstrijden deelne-men. Zij dienen naast hun eigen band ook de beschikking te hebben over een witte en een rode band. De witte band is veelal geen probleem, omdat je daarmee begonnen bent. Een rode is via de vereniging te bestellen.
Een paar slippers.
Omdat we de mat graag schoon houden en omdat een judoka op de mat met blote voeten sport, achten wij het een verplichting, dat daar waar met schoenen gelopen mag worden een judoka ook iets aan zijn voeten heeft. Het meest handige is dan een paar sportslippers, die je voor weinig geld aanschaft. Omwille van de hygiëne van zowel jou als de anderen hanteren wij de stelregel: Van de mat af, dan slippers aan je voeten. Op de mat uitsluitend op (schone) blote voeten en dus geen enkele soort schoeisel!!!! OOK VAN TOESCHOUWERS VERWACHTEN WIJ, DAT ZIJ DE MAT NIET MET SCHOEISEL BETREDEN.
Een bewijs van de sportkeuring
De JBN eist van elke judoka die aan wedstrijden deelneemt een geldige sportkeu-ring. Als vereniging stellen wij die eis aan alle leden. Een bewijs van de sportkeu-ring krijgt de jeugd via de scholen. Maak daar een kopie van en doe hem bij je paspoort. De overigen dienen zich periodiek met hun huisarts in verbinding te stellen. Wat heb je verder nog nodig om te kunnen judoën? Niet zoveel meer. Alle judoka's van onze vereniging hebben op hun kimono op de linker rever een embleem van de vereni-ging. Die kun je tegen een kleine vergoeding bij de trainer aanschaffen. Het allerlaatste, dat je nodig hebt om onbezorgd te kunnen judoën is een ziektekostenver-zekering. De meeste mensen hebben een dergelijke verzekering wel en de opmerking is misschien zelfs overbodig. Natuurlijk hopen we dat je er geen beroep op hoeft te doen vanwege het judo, maar zoals in bijna elke sport komt het ook in judo wel eens voor, gelukkig maar zelden, dat iemand geblesseerd raakt. De vereniging en/of leden van het bestuur kunnen nimmer aansprakelijk worden gesteld voor de kosten die voortvloeien uit letsels of blessures.
Examens
Examencommissie
De vaardigheden in het judo kunnen afgelezen worden aan de kleur band van de judoka. Zo begint iedereen met een witte band. Deze wordt naarmate de judoka vordert in de beheersing van de worpen, de houdgrepen en andere technieken 'donkerder' van kleur totdat de band uiteindelijk zwart van kleur is. De juiste volgorde is: wit, geel, oranje, groen, blauw, bruin en zwart. De Japanse benaming tot aan de bruine band heet kyu-graden (Spreek uit: kjoe-graden), waarbij de witte band de 6e kyu is en de bruine band de 1e kyu. Vanaf de zwarte band (= 1e dan) volgen de dan-graden tot aan de 10e dan. Hoe lang een judoka erover doet om van wit naar zwart (1e dan) te komen hangt af van de snelheid, waarin hij of zij de technieken onder de knie krijgt. Om een zwarte band (1e dan) te halen moet men toch al snel op vele jaren judo-ervaring rekenen. Er zijn door de Judo Bond regels vastgesteld, die weer aan inter-nationale regels zijn ontleend, waar-aan een judoka moet vol-doen om in aanmerking te komen voor een hogere band. Tot aan de zwarte band kunnen de examens afgeno-men worden binnen de vereniging. Voor de 1e en hogere dan-examens moet een examen op districts- of landelijk niveau (vanaf 4e dan) worden afgelegd.
Binnen onze vereniging nemen de leden van de technische commissie judo-examens af.
Tot 12 jaar worden ook zogenaamde 'slipexamens' afgenomen. Deze geven de jonge judoka een indruk hoever hij/zij nog verwijderd is van de eerstvolgende hogere band. Vanaf 12 jaar zullen judoka's geregeld door de trainer op de hoogte worden gebracht van hun vorderingen, tenzij ze een examen afleggen. De examens worden twee keer per jaar gehouden. Rond de Kerst en voordat de zomervakantie begint. De exacte data worden tijdig doorge-geven aan de kandidaten en staan ook in de KIAI vermeld.
De slipexamens vinden zoveel mogelijk plaats tijdens de lesuren rond de bovengenoemde data. Slip-examens zijn gratis.
EXAMENEISEN
Een veel gehoorde vraag is hoe zo'n examen nu eigenlijk in zijn werk gaat. Bij onze vereniging gaat dat als volgt:
- De trainer draagt je voor om examen te doen voor een hogere band.
- Als je je niet vooraf of op de examendag afmeldt vervalt de mogelijkheid om examen te doen en moet je wachten tot de volgende gelegenheid. Dat is meestal een half jaar later.
- In principe wordt er geen examen afgenomen tijdens de lesuren.
- Je moet lid zijn van de Judo Bond Nederland en een geldig betalingsbewijs hebben. Neem dus altijd je paspoort mee naar het examen, tenzij het al in bewaring bij de trainer is.
- Elke judoka, die examen gaat doen, krijgt tijdig een briefje mee, waarop de tijd en de datum vermeld staan.
- De kosten voor het examen bedragen circa fl 10,-. Daarvoor krijg je, mits je bent geslaagd, via de vereniging van de JBN een stevige judoband in de juiste kleur, een diploma van de JBN en een voorschrift van de exameneisen voor de volgende band.
INHOUD VAN HET EXAMEN
Regelmatig is ons de vraag gesteld aan welke eisen per kyu-graad moet worden voldaan. Een commissie, bestaande uit Jasper Havinga, Dirk-Jan van den Berg, Gerry van Oorschot en Toon van den Heuvel, heeft zich gebogen over het programma van eisen voor judoka's van onze vereniging. Het zal duidelijk zijn dat zij zich daarbij hebben laten leiden door de richtlijnen die de JBN heeft uitgevaardigd. Hoewel de beschrijving voldoende houvast biedt voor de judoka's, kan er geen enkel recht aan worden ontleend.
Voor de gele band wil men minstens één beenworp (1e), drie verschillende heupworpen (1e, 4e en 11e) en een schouder-worp (1e) zien. Ook moet een combinatie (1e beenworp gevolgd door 1e houdgreep) en een overname (de tegenstander zet de 1e beenworp in en de judoka neemt over) worden uitgevoerd. Vier houdgrepen (1e, 3e, 4e en 6e), twee kanteltechnie-ken en een bevrijding maken de kleur van de band al bijna geel. Een koprol en een zijwaartse en achterwaartse val maken de zaak compleet.
Voor de oranje band is men al wat strenger. Men wil meer worpen zien en de worpen moeten technisch beter worden uitgevoerd dan voor de gele band. Maar de judoka zit dan ook al langer op judo, hij/zij heeft meer ervaring en dus levert dat doorgaans geen enkel probleem op. Wat willen ze zien? Vier beenworpen (1e, 2e, 3e en 5e), vier heupworpen (1e, 3e, 4e en 11e), twee schouder-worpen (1e en 2e), zes houdgre-pen (1e tot en met de 6e), drie combina-ties en twee overnames. Ook moet uchi komi (inzetten, maar niet werpen) worden getoond van been- en heupwor-pen. Kantel- en passeertechnieken horen er nu ook bij. Ben je ouder dan twaalf jaar? Dan wordt het nog iets moeilijker. Ze willen dan twee armklemmen, twee verwur-gingen, twee sutemi's en een overname met sutemi zien. Uiteraard willen ze je zien valbreken. Dit keer uit beweging.
Voor de groene band moet de judoka natuurlijk nog meer laten zien. Je zit al enige tijd op judo en alle technieken heb je als je de lessen trouw bezoekt al eens een keer gehad. Voor jou kennen zes verschillende beenworpen, zeven heupworpen, twee schouderworpen, een armworp, zes combinaties, vier overnames en acht houdgrepen geen geheimen meer. Voor uchi komi, kantel en passeertechnieken draai jij je hand niet om. Om maar te zwijgen van bevrij-dingstechnieken en armklemmen en verwurgingen. Combinatieworpen zijn meestal beenworpen, die of gevolgd worden door een houdgreep of door een heup- of schouderworp. De overname is een worp, die je tegenstander inzet, maar die jij maakt. Bijvoorbeeld 1e beenworp-1e beenworp of 1e heupworp gevolgd door 1e heupworp links.
De eisen om de blauwe band te verwerven liggen weer wat hoger. Zeven verschillende beenworpen, vijf heupworpen, drie schouderworpen, een armworp, twee sutemi's (offer-worpen). Drie combinaties, twee overnames en acht houdgrepen (vier basisgrepen en vier variaties). Uchi komi (van heup-, been- en schouderworpen), kantel- en passeer-technie-ken komen ook nu aan bod. Evenals bevrij-dingstechnieken en armklem-men en verwurgin-gen. Voor de bruine band komt het hele scala aan worpen aan de orde. Het aantal offerworpen neemt toe en op de grond komen de sankaku's (drie-punts houdgrepen i.c. omstrengelin-gen) er nog bij.
Kleur van de band
geel
oranje
groen
blauw
Bruin
Kyu graad
5
4
3
2
1
Tachi-waza (staand)
Beenworpen
1
4
6
7
8
Heupworpen
3
4
7
5
5
Schouderworpen
1
2
2
3
3
Armworpen
-
-
1
1
1
Sutemi’s**
-
2
-
2
5
Overname
1
2
4
2
4
Combinatie
1
3
6
3
4
Uchi Komi
-
2
3
4
4
Ne-waza (grond)
Houdgrepen
- Basis
4
4
4
4
4
- Variatie
-
2
4
4
4
Omstrengeling**
-
2
3
6
8
Armklem**
-
2
3
4
6
Kanteltechniek
2
*
*
4
5
Bevrijding
2
-
*
2
4
Passeertechniek
-
*
*
2
2
Sankaku’s
-
-
-
-
2
Kyu-graad:
5
4
3
2
1
Kleur van de band
Geel
Oranje
Groen
Blauw
Bruin
Kanteltechniek
2
*
*
4
5
Bevrijding
2
-
*
2
4
Passeertechniek
-
*
*
2
2
Sankaku's
-
-
-
-
2
Valbreken:
geel : koprol, zijwaarts en achterwaarts vallen
oranje : uit beweging
- Betreffende techniek is niet vereist.
* Betreffende techniek laten zien. Eigen keuze uit diverse mogelijkheden.
** Sutemi's, armklemmen en omstrengelingen zijn niet toegestaan aan judoka's jonger dan 12 jaar. Deze worden hen derhalve ook niet geëxamineerd.Waar voor de lagere gradaties de gevraagde worpen duidelijk zijn beschreven, zijn voor de hogere banden ook variaties van worpen en houdgrepen vereist. De examinator geeft dit bij de lagere banden duidelijk aan (én heeft daar in de lessen natuurlijk al de nodige aandacht aan besteed). Bij de hogere banden wordt meer zelfwerkzaamheid van de geëxamineerde verwacht.
Binnen J.V. Anton Geesink kan een judoka zich laten examineren tot en met de bruine band (1e kyu). Voor een eerst dan (zwarte band) dient een examen op districtsniveau te worden afgelegd. Uiteraard ligt de verantwoordelijkheid voor de begeleiding naar een dergelijk examen wel bij onze vereniging.
WAT JE ALLEMAAL NIET HOEFT TE VRAGEN
Het bestuur en de trainers krijgen vaak vragen, waarvan het antwoord in deze of de jaarlijkse INFO óf in de KIAI terug te vinden is. We willen daarom van onze kant aan iedereen verzoeken om eerst de INFO of de KIAI te raadplegen, voordat je met je vragen naar de trainer of het bestuur toestapt. De reden, dat we dat doen is, dat dit soort zaken voor onnodig oponthoud zorgt bij de wisselingen van de lessen. Ons advies luidt dan ook:
BEWAAR DE INFO ZORGVULDIG EN LEES DE KIAI GOED DOOR.
en als er dan toch nog wat is, dat je wilt weten, dan zijn we natuurlijk graag bereid je daar een antwoord op te geven.
Het gebeurt wel eens, dat er ouders zijn, die wat aan de trainers willen vragen of dat er kinderen zijn, die ook aan judo willen beginnen en zich komen aanmelden. Wij vragen daar begrip voor. Wordt je trainer opgehouden, ga dan met een partner de mat op en oefen alvast wat technieken. Jouw goede voor-beeld doet goed volgen. Ondanks, dat je niet met sieraden om mag judoën, zijn er toch mensen, die dergelijke en andere waardevolle spullen mee naar het judo nemen. We adviseren je om die dingen gewoon thuis te laten. Het voorkomt dat het zoek raakt of dat ze na afloop worden vergeten. De trainers maken na afloop van de training altijd een inspec-tie-ronde, maar toch komt het voor, dat er spul-len kwijt zijn. Het bestuur en de trainers kunnen nimmer verantwoordelijk worden gesteld voor het zoekraken van persoon-lijke bezittingen. Je mag je kleding en eventuele andere zaken in de hoek van de dojo zetten, liefst in een sporttas, zodat het niet onbeheerd in de kleedkamer hoeft achter te blijven. We gaan er natuur-lijk van uit, dat je het netjes neerzet, zodat het bij de lessen niet in de weg staat.
Wedstrijden
ALS JE AAN WEDSTRIJDEN MEE WILT DOEN
Bijna iedereen vindt het leuk om zijn vaardigheid in het judo zo af en toe te tonen in wedstrijden. Daartoe organiseren wij als vereniging diverse toernooien. Ook organiseren wij wel eens wedstrijden, die onder verantwoordelijkheid van de Bond worden afgewerkt. Ten-slotte kun je terecht bij wedstrijden, die het district of andere verenigingen organiseren.
Er zijn twee uren in het rooster ingeruimd, die speciaal bedoeld zijn om conditie op te doen en je vertrouwd te maken met zaken, die je in de wedstrijden tegen kunt komen. Op dinsdag-avond van 6 tot 7 uur kunnen de welpen en pupillen terecht en op dezelfde avond van 7 tot 8 is het de beurt aan de jeugd. Voor deze extra trainingsuren word je uitgeno-digd door je trainer. Als je erin toestemt om mee te doen, verwachten we van je dat je alle trainingen bijwoont en dat je met volle inzet en op sportieve wijze de vereniging verte-genwoor-digt bij al die wedstrijden waar wij je voor selecteren. Bij herhaalde afwezigheid zonder geldige reden of zonder je af te melden, sluiten we je onherroepelijk uit voor de wed-strij-dtraining.
Voor alle wedstrijden geldt dat je in het bezit moet zijn van een judopaspoort en een geldig betaalbewijs. Daarnaast moet je in het bezit zijn van een geldige sportkeuring. Een school-keuring is al voldoende. Vraag dan altijd aan de school-arts een bewijs. Kopieer dat en doe het bij je judopaspoort of lever het in bij je trainer, als hij/zij je paspoort in bezit heeft.
ALS JE DEZE BESCHEIDEN NIET KUNT TONEN, VOLGT UITSLUITING VAN DE WEDSTRIJD.
Voor de jongeren geldt, dat de vereniging (het wedstrijdsecre-tariaat) deze documenten in bewaring heeft en ze toont bij de wedstrijden. Van oudere judoka's verwachten we dat ze die zaken zelf voor elkaar hebben.
Wij wensen iedereen die aan wedstrijden deelneemt veel succes en plezier toe en we hopen, dat je telkens weer een stap verder en een judoniveau hoger komt in het behalen van goede resultaten.
HOE IS HET DEELNEMEN AAN WEDSTRIJDEN GEREGELD BINNEN ONZE VERENIGING?
Door middel van strookjes of mondeling brengen de trainers je op de hoogte van aankomende wedstrij-den. Je kunt daar op intekenen en het formulier met het eventueel verschuldigde inschrijf-geld bij je trainer inleveren. Je ontvangt tijdig bericht (schriftelijk) hoe laat je bij de Vrijstadhal wordt verwacht voor het vertrek naar wedstrijden buiten Culemborg of in de hal als het om een 'thuiswedstrijd' gaat.
Wat kost het deelnemen aan wedstrijden? Dat verschilt sterk per toernooi, maar meestal is je eigen bijdrage om en nabij de € 3,00 en komt het af en toe voor, dat je meer dan € 5,- moet betalen. Bij sommige toernooien wordt van de meegekomen ouders entree-geld gevraagd, dat per toernooi kan verschillen. U moet daarbij denken aan een bedrag van circa € 2,50 per per-soon. Als je uitgenodigd bent om in team-wedstrijden uit te komen kost je dat helemaal niets. Voor alle wedstrijden geldt: Gedraag je als een waardig vertegenwoordiger van onze vereniging.
HOE WORDT HET VERVOER VAN EN NAAR DE WEDSTRIJDEN GEREGELD?
Wij proberen zo goed als mogelijk het vervoer te regelen. Dat kan alleen met de hulp van welwil-lende ouders. Voor de kinderen is het ook leuk om ouders als supporters mee te hebben. Als u het leuk vindt om aan te moedigen, u bent in het bezit van een auto en u bent nog niet door ons ge-vraagd, dan vinden wij het helemaal niet erg als u zich spon-taan bij ons meldt.- Soms wordt aan ouders gevraagd om te rijden. Als dat onverhoopt niet kan, wilt u dan zo vriendelijk zijn om dat z.s.m. door te geven aan de trainer.
In principe word je na afloop van de wedstrijd weer bij de Vrijstadhal afgezet. Zo af en toe gebeurt het wel eens, dat je kunt meerijden met iemand, die in de buurt woont en die bereid is om je thuis af te zetten. Natuurlijk kan het ook gebeuren dat dit niet lukt.
Aan de ouders of verzorgers, verzoeken wij dan ook dringend: Wilt u zich er altijd zelf van overtuigen, dat de afspraken omtrent thuisbrengen, zelf naar huis gaan of ophalen goed gemaakt zijn en wilt u de coach van de dag daar-van in kennis stel-len.
De regel is dat de judoka na afloop van de wedstrijden bij de Vrijstadhal wordt afgezet en daar wordt opgehaald door de ouders/verzorgers. De begeleiding zal wachten tot het op het briefje aangegeven tijdstip.
Ook komt het wel eens voor, dat de wed-strijden uitgelopen zijn en dat we later thuisko-men dan op het briefje vermeld staat. We proberen de tijden zo goed mogelijk in te schatten en vragen begrip voor die enkele keer dat het niet lukt.
Wie gaan er als begeleider(s) mee?
Bij wedstrijden gaat in ieder geval een seniorlid mee of iemand, die weet wat er gedaan moet worden bij een judo-wedstrijd.
Begin 1996 is besloten om bij elke wedstrijd een 'coach van de dag' aan te wijzen. Deze seniorjudoka coördineert de reis van en naar de wedstrijd, begeleidt tijdens de weging en coacht tijdens de wedstrijden. Hij/zij vormt voor die dag het aanspreekpunt voor judoka's en ouders. Uiteraard is het mogelijk dat ook andere (senior)-judoka's tijdens de wedstrij-den coachen, bijvoorbeeld omdat meer dan één judoka van onze vereniging zijn/haar partij aan het afwerken is. Wendt u zich voor vragen of opmerkingen echter altijd tot de 'coach van de dag'.
Bij de wedstrijden waar veel judoka's van de vereniging actief zijn, zijn logischerwijs veel auto's nodig. Meestal proberen we een auto vol te krijgen, vooral als we ver weg moeten. Bij een 1 of 2 inschrijvingen voor een toernooi ver van huis, schrijven we niet in.
Natuurlijk proberen we zoveel mogelijk mensen mee te krijgen naar de wedstrijden, zowel judoka's als supporters (ouders, broertjes en/of zusjes). Mochten we plaats tekort komen in de beschikbare auto's, dan is het duidelijk dat judoka's voorrang hebben boven supporters.
TAALGEBRUIK TIJDENS DE WEDSTRIJD
Tijdens een judowedstrijd mogen de judoka's niets zeggen (en zeker geen aanmerkingen op de leiding maken.) De scheidsrechter zegt daarentegen wel wat als hij/zij van mening is, dat er een score is gemaakt. Daar gebruikt hij/zij Japanse termen voor om aan te geven wat er wordt bedoeld. In het begin moet je daar even aan wennen, maar na verloop van tijd weet je niet beter. Het lijkt ons, vooral voor beginnende judoka's, goed om de belang-rijkste uitspraken hier op een rijtje te zetten.
Hadjimé
Dit zegt de scheidsrechter aan het begin van de wedstrijd, maar ook nadat hij het gevecht even heeft gestopt. Het is het teken, dat je (weer) mag be-gin-nen.
Maté
Een teken, dat je onmiddellijk moet stoppen. Bijvoorbeeld als je je tegenstander niet goed vast in een houdgreep hebt, maar er zijn talloze andere situaties denkbaar dat de scheids-rechter maté zegt.
Soremadé
Dit roept de scheidsrechter zodra de wedstrijd is afgelopen. Je loopt dan terug naar je plaats op de mat, wacht tot de scheidsrechter de winnaar heeft aangewezen (zelfs als je dat zelf al weet), groet af en bedankt je tegenstander.
Als je een goede worp hebt gemaakt, geeft de scheidsrechter je daar onmiddellijk een beloning voor, die op het scorebord voor je wordt genoteerd. Afhankelijk van de kwaliteit van de worp krijg je een:
Koka
Een klein resultaat, dat je drie punten oplevert.
Yuko
Je hebt je worp iets beter, maar nog niet perfect uitgevoerd, dan krijg je een yuko en die is goed voor vijf punten.
Waza-ari
Een bijna perfecte worp, maar nog net niet helemaal goed. Je krijgt er 7 punten voor en lukt het je om in de partij nog een waza-ari te maken dan heb je onmiddellijk gewonnen.
Ippon
Je worp is perfect. De wedstrijd is onmiddellijk afgelopen en je krijgt er tien punten voor.
De uitslag van de wedstrijd wordt bepaald door het hoogste resultaat. Dus als jij één waza-ari hebt en je tegenstander bijvoorbeeld een koka en een yuko, dan heb jij toch gewonnen, omdat jouw resultaat beter is. Als je de wedstrijd wint met twee koka's dan krijg je op je scoreformulier toch maar drie punten. Je hebt de wed-strijd dan gewonnen met koka. Op het wedstrijdformulier wordt éénmaal het hoogste resultaat geno-teerd en dus niet de optelsom van alle behaalde resultaten van die ene partij.
Zoals je weet begint een wedstrijd altijd staande, maar het kan gebeuren, dat je op de grond verder moet gaan en je tegen-stan-der dan in een houdgreep probeert te krijgen. Als de scheids-rechter vindt, dat je houdgreep goed zit, dan roept hij: 'O-sei-komi' (Houd-greep).
Veel beginnende judoka's laten dan los en dat moet je in dit geval nu net niet doen!!! Je moet juist 20 (bij de welpen en pupillen) of 25 seconden (alle anderen vanaf 12 jaar) goed vasthouden. Lukt je dat dan win je de wedstrijd met een ippon. Veel scheids-rechters houden er bij jonge, beginnende judoka's rekening mee en roepen vaak: 'O-sei-komi, houdgreep'. Heb je al eerder in de partij een waza-ari gescoord of is je worp voorafgaand aan de houdgreep beoordeeld met een waza-ari, dan is de duur van de houdgreep korter. Respectievelijk 15 seconden (welpen en pupillen) en 20 seconden.
Als de scheidsrechter vindt, dat je tegenstander zich goed uit jouw houdgreep heeft gewerkt, dan roept hij: 'Toketa' (Houdgreep verbroken). Het ligt er dan aan hoeveel seconden jij de houdgreep vastge-houden hebt. Afhankelijk daarvan krijg je niets, een koka, een yuko of een waza-ari. Soms eindigt een wedstrijd onbeslist, dan zijn er twee moge-lijkheden. Die zijn afhankelijk van de afspraken, die vooraf over de wedstrijd zijn gemaakt. De scheidsrechter kan een beslissing nemen en wijst de judoka aan, die in zijn ogen het beste heeft gepresteerd (meestal de meest aanvallende). Je hebt de wedstrijd gewonnen en krijgt één punt op je scoreformulier. In het andere geval roept de scheidsrechter: Hikiwaké. Dat is het Japanse woord voor onbe-slist. Je krijgt dan geen punten. Vaak wordt deze uitslag bij de team-wedstrijden gebruikt.
In judowedstrijden kun je ook een straf oplopen. Als je buiten de mat stapt kun je al straf krijgen of als je niet genoeg aanvalt om nog maar te zwijgen van opmerkingen aan het adres van de scheidsrechter. Straffen in judo worden bij de welpen en pupillen niet gegeven, tenzij je je misdraagt, maar als je bij de jeugdwedstrijden meedoet dan gebeurt dat wel.
De lichtste straf waar je tegenaan kunt lopen is een: Shido. Je tegenstander krijgt een ko-ka. Per partij kun je maar één keer tegen een shido oplopen. Je krijgt bij het volgende 'vergrijp', ook al is dat een shido waard, automatisch een chui. Een eventuele derde straf is dan uiteraard automa-tisch een keikoku.
Een iets zwaardere straf is de: Chui (Spreek uit: Tsjoe-ie). Je tegen-stander krijgt een yuko. Net zoals bij de shido geldt, krijg je bij een volgende straf in de partij automatisch een hogere straf. In dit geval dus de keikoku.
Een tamelijk zware straf is de: Keikoku. Je tegenstander krijgt een waza-ari.
De zwaarste straf en onmiddellijk beëindiging van de partij is: Hansoku-Make. Je tegen-stander krijgt een ippon.
De twee zwaarste straffen worden zelden of nooit onmiddellijk gegeven. Je maakt het dan wel heel bont en een echte sportieve judoka kun je iemand, die tegen dergelijke straffen aanloopt niet noemen. Een onmiddellijk gegeven Hansoku-Make leidt vrijwel altijd tot uitsluiting van de rest van het toernooi.
Einde van de Japanse les, maar nog even twee dingen over de wedstrij-den.
- Bij judowedstrijden wordt altijd gekeken naar het ge-wicht. Dat is ook de reden waarom je zo vaak wordt gewogen. Als je zwaarder wordt ga je automatisch naar een hogere gewichtsklasse waar je tegenstanders van je eigen gewicht tegenkomt.
- In het judo kennen we ook armklemmen, omstrengelingen en offerworpen (Sute-mi's). Deze zijn in wedstrijden voor judo-ka's onder de twaalf jaar streng verboden. De scheid-srechter let daar heel goed op en roept onmiddellijk maté als hij het ziet. Bij de jeugd van 12 tot en met 16 jaar breekt de scheidsrechter het gevecht onmiddellijk af als hij ervan overtuigd is, dat de armklem of omstrengeling gaat 'zitten'. Judoka's ouder dan 16 jaar dienen zelf af te kloppen, maar toch kan en zal de scheids-rechter in-grijpen als hij dat nodig acht. Binnen onze vereniging wordt aan gevor-derde judo-ka's vanaf 12 jaar geleerd hoe je verantwoord met arm-klemmen, omstrengelingen en offerworpen om moet gaan. Per slot van rekening is het een onderdeel van het judo. Daar wordt veel tijd en zorg aan besteed. Niet omdat het zo moeilijk is, maar ondeskundig uitgevoerd kan het gevaar-lijk zijn.
